Wilhelminapark 2 t/m 38

WP2-18 hebben een afwijkende postcode (2342AG) ten opzichte van WP20-38 (2342AH).

Wilhelminapark 2-4
Het plan voor het bouwen van de dubbele villa (nu Wilhelminapark 2 en 4) werd in oktober 1906 ingediend door Anton de Jong uit Den haag. Op de gevel staat (niet in het zicht) 1907. Op de bouwtekening staat een derde voordeur. Deze werd geplaatst zodat de patiënten van de dokter niet via de voordeur hoefden.

Wilhelminapark 2 is ook bekend geweest als de ‘huis van den dokter’, omdat hier van 1908 tot aan 1975 een huisarts gevestigd was. Vanaf 1908 Dr. Timmermans, welke in 1930 de praktijk heeft overgedragen aan Dr. F.N.W. Hugenholtz. In 1956 draagt hij het stokje over aan F.B. Hugenholtz, welke de praktijk houdt tot hij in 1975 uit het Wilheminapark vertrekt.

In het krantenbericht staat dat het nieuwe adres van Dr. Timmermans Geversstraat 40 is. Dit was maar zeer tijdelijk, aangezien hij Wilhelminapark 36 heeft laten bouwen en daar in 1931 is gaan wonen.


Wilhelminapark 6-8
Wilhelminapark 6 en 8 en aan de overkant 3 en 5 zijn de eerste panden die in 1898 als twee dubbele woonhuizen door bouwkundigen J. Vos en A.C. Meijer zijn gebouwd, in een mengeling van neorenaissance en chaletstijl.

Op 26 april 1932 verhuist de Oegstgeestsche Apotheek vanuit de Kempenaerstraat naar Wilhelminapark 8. Tot aan 1978 blijft dit de locatie van de apotheek.


Wilhelminapark 10-12
In 1905 kocht de gemeente van de eigenaren van het park, C.J.C. van der Meer, J. Vos en A.C. Meijer twee percelen grond (kadastraal bekend sectie E nrs. 2036 en 2082, groot 6,38 en 5,49 are) aan om een postkantoor te kunnen bouwen. Leendert de Vrijer uit Warmond nam de bouw op zich.

Het enige wat nog herinnert aan de oorspronkelijke functie van dit pand is de Jugendstil hardstenen brievenbus en de tekst in de gevel. Vanaf 1 augustus 1906 tot 15 maart 1971 was hier het post- en telegraafkantoor gevestigd.


Wilhelminapark 14-20
Een blok van twee dubbele woonhuizen dat in 1906 werd gebouwd in opdracht van A. Gestman uit Leiden. De architect B.E. Spijker en zn. leverde een maar liefst 37 pagina’s tellend bestek aan, zorgvuldig vormgegeven en gebonden in een brochure van architecten B.E. Spijker en J. v.d. Voet.

Bijzonder is dat de initiële aanvraag – op 25 november 1905 – slechts voor 3 (!) huizen was, waarbij de woning (nu nummer 16) niet werd opgenomen. Een aanvullende aanvraag in 17 januari 1906 bevat het vierde pand. Sterker nog, uit documentatie blijkt dat op 13 januari de vergunning voor de 3 panden is afgegeven, het lijkt alsof daarop gewacht is met voor de vierde woning.

Het is onbekend waarom dit niet tegelijkertijd is gedaan, want de bouwtekeningen voor het vierde pand dateren wél ook van november 1905. Wel weten we dat de bouw niet geheel volgens planning is verlopen. Op een plankje welke in de kruipruimte van nummer 20 is gevonden blijkt dat de bouw tot augustus 1906 heeft geduurd, waar de oorspronkelijke planning in de aanvraag was:

Terstond nadat de gunning van het werk heeft plaats gehad, zal met de werkzaamheden moeten worden aangevangen ; den 15den Februari 1906 moeten de huizen onderdak, glas- en waterdicht en alle muren en schoorsteenen op hunne hoogten zijn, den 15den April 1906 moet het geheele werk gereed opgeleverd worden.

Gebouwd in een stijlmengeling van chaletstijl en Jugendstil, met decoratieve elementen in gekleurde geglazuurde baksteen. De huizen hebben elk een naam, aangebracht in een fraai geglazuurd tegeltableau: Johanna (WP14), Johan-Henri (WP16), Agnes (WP18) en Francine (WP20).

Van WP20 weten we – omdat de woning altijd familiebezit is gebleven – we dat de naam Francine de naam was van de eerste vrouwelijke bewoonster, Francine Servaas.



Wilhelminapark 22-34
Een blok van 7 woningen, waarvoor de aanvraag door de dhr. Budde in november 1907 is ingediend. De woningen zullen waarschijnlijk gebouwd gedurende 1908-1909. Op de kaart rond die tijd zien we deze woningen (net als RS2 en RS12) nog niet op de kaart staan, terwijl WP2 uit 1908 er al wel op staat.

De woningen worden voor zover bekend pas in 1910 in gebruik genomen, nadat de heer Budde in 1909 failliet is verklaard. In januari 1910 worden alle 7 woningen uit het faillissement gekocht door de heer J.W.P. Licht, voor een bedrag van 30.400 gulden.

Op 30 augustus 1939 wordt in elke gemeente een distributiekantoor geopend, in verband met de schaarste van grondstoffen. De Oegstgeester distributiedienst wordt gehuisvest in het pand Wilhelminapark 22 en later op nummer 30. Rond 1941 verhuist het voor extra ruimte naar Wilhelminapark 11.


Wilhelminapark 36
Wilhelminapark 36 is met bouwjaar 1930 het jongste pand van het park, ontworpen door A.T. Kraan in opdracht van dhr. Timmermans, wie op dat moment nog op Wilhelminapark 1 woonde en voor ‘zijn oude dag’ een wat kleinere woning wenste.

Boven de voordeur staat ‘MON REPOS’ op de gevel, wat zich vertaalt naar ‘Mijn Rust’, wat perfect aansluit op bovenstaande.

Wilhelminapark 38
Op 23 februari 1904 krijgt de heer A.F. de Rooij – namens dhr. N. Nelis – de vergunning aan voor het bouwen van een woning op het Wilhelminapark. Op de gevel van nummer 38 prijkt het jaartal 1904.